De familie Schroffenstein - van Heinrich von Kleist

De jongste telg van de familie Schroffenstein ligt dood in een rivier, zijn pinken afgesneden. Terstond zweert het huis van Rossitz wraak op de vermeende daders, eveneens Schroffensteins -maar dan van het graafschap Warwand. Tussen beide families bestaat een erfverdrag dat stelt dat als één tak uitsterft, al het bezit aan de andere vervalt. Niet langer gelden zorg, liefde en bloedverwantschap; de dolk van de haat wordt in het eigen hart geplant.
De keten van verdachtmakingen en wraakacties wordt doorkruist door de ontluikende liefde van Agnes en Ottokar, kinderen van de beide families. Zij ontdoen zich van hun vooroordelen en beginnen elkaar ver van de burchtkastelen, in de vrije natuur, te vertrouwen. Als Romeo en Julia reikhalzen ze ernaar 'de stam van de tweedracht met wortel en al uit te roeien'. Maar in een cultuur van hebzucht en paranoia groeit de hysterie, die behalve de machthebbers ook het volk beheerst.

De familie Schroffenstein (1802) is een vulkanische tragedie, hecht gecomponeerd en in een strakke versvoet, die erom roept in het Nederlands vertaald en gespeeld te worden. Zijn tijdgenoten (waaronder Goethe) dachten er anders over. Te zwartgallig en getuigend van hypochondrische overdrijving, oordeelde men. Maar de blik van de 21-jarige Kleist is profetisch: hij voorzag een 'nieuwe wereldgeest' die gedomineerd zou worden door bezitsdrang en uit angst voor kapitaalverlies zijn menswaardigheid op het spel zet. Kleist maakt duidelijk hoe vijanddenken leidt tot zelfvervreemding. Niet tot vernietiging van de ander, maar van zichzelf.

Met: Vincent van den Berg, Margijn Bosch, Charlotte Caeckaert, Anouk Driessen, Jorn Heijdenrijk, Peter Kolpa, Martijn Nieuwerf, Ingejan Ligthart Schenk, Czeslaw de Wijs.
Vertaling: Ellen Walraven, Martijn Nieuwerf
Vorm: Michiel Johannes Jansen
Productie: Sanneke van Hassel, Simone Scholts, Ellen Walraven

Tournee 10 maart t/m 13 mei 2005