De Volkskrant - 11 juni 2009, Karin Veraart
Het begint bij de tekst. Voor hun Nieuwste Vaudeville, zoals ze het noemen, putte Dertien Rijen uit het werk van Willem Wittkampf (1924-1992), journalist die tussen medio jaren vijftig en eind jaren zestig bekendheid verwierf met grote interviews in Het Parool en met zijn specifieke stijl –die het midden hield tussen spreek- en schrijftaal –een volgende generatie collega’s zou beïnvloeden. Wat Wittkampf ook deed: hij sprak voornamelijk met onbekende Nederlanders. Lees verder »
Fraai decor, dierbare herinneringen: twee schuin toelopende wanden van verweerd hout met tal van openingen en deuren. Wat hebben trouwe Discordia-gangers tussen deze plankieren niet allemaal voor moois gezien. Alleen het regiment stoelen dat in de nok hangt en het uitgelezen antiek dat per scène wordt opgedragen, lijkt nieuw. En dan zijn daar de spelers, het wemelt ervan: met zijn veertienen lopen ze in en uit, en steken telkens hun hoofd om de hoek, als om te ontdekken of het al is begonnen en of ze al aan de beurt zijn. Lees verder »
“Ik weet nog precies hoe ik destijds dat toneelstuk schreef. Nou schreef ik in die tijd veertig toneelstukken per jaar. Maar juist daaróm! Zo’n overweldigend succes als dat van Als Moeder te veel is - dat overkomt je nooit! Dan denk je allicht: ‘Laat ik vooral onthouden hoe ik het heb gedaan!’
Normaal schreef ik dus een toneelstuk per week … Wat zegt u? Zeven dagen? Niks zeven dagen! Zaterdags en zondags raakte ik geen pen aan! Vrijdagsavonds was het première, en pas zondagsavonds wist de directeur van het theater of er loop genoeg in zat voor twee weken. Meestal niet. Lees verder »