Feuilleton met klasse

Het Nederlandse collectief ’t Barre Land houdt de hele maand huis in Vlaanderen en Nederland. Vier weken aan een stuk en op evenzoveel plateaus. Iedere avond presenteert de groep een greep uit het favoriete repertoire. Spelen op het scherp van de snee. Alsof dat nog niet spannend genoeg is stonden er de voorbije week in Antwerpen ook nog eens twee premierès op de affiche. Hoofd zonder wereld deel I & II. Deel één was voor de eerste keer in Vlaanderen te zien, deel twee zag het wereldlicht voor het eerst.
’t Barre Land bewerkte Martyrium van Elias Canetti tot een kluchtig drieluik. Geen lachertje. Canetti strooit graag met thema’s als kapitaal en ideologie, schuwt daarbij de kritiek niet en heeft de naam geen gemakkelijk auteur te zijn. Het is dan ook de verdienste van ’t Barre Land dat zij in de bewerking de thema’s met lichtheid en feilloos dramaturgisch doorzicht behandelen. Zelden zag ik ernst en inhoud zo helder en bevattelijk in een theatertekst verpakt.
Deel één verhaalt het relaas van de strijd tussen professor Kien en zijn indrukwekkende huishoudster. Centraal daarin staat de tegenstelling tussen intellect en pragmatiek. Ondanks zijn kennis van de literatuur is de professor volkomen wereldvreemd: een hoofd zonder wereld. Als zijn huishoudster op een dag bekommerd is om een van zijn boeken, vraagt hij haar ten huwelijk. En zo loopt de professor in de val die zijn eega heeft opgezet. Ze is uit op geld, papt met een ander aan en terroriseert haar man.
Deel twee bouwt op deze tegenstelling voort. De professor heeft de schutkring van huis en bibliotheek verlaten en trekt de stad in. Bekommerd om het lot van boeken en gedachten die ze herbergen. Maar nog steeds slaagt Kien er niet in de opgedane kennis aan het dagelijkse leven te koppelen. Iedereen die de professor een warm hart toedraagt jaagt een deel van zijn materiële welstand na.
Van intelligente tekstbewerkingen verwacht je al snel een ernstig spel. Dat is in Hoofd zonder wereld niet het geval. Hoofdrolspelers Jacob Derwig, Margijn Bosch en Vincent van den Berg schmieren dat het een lieve lust is. Een souffleur speelt tegelijkertijd dirigent en personage, slapstickeffecten wisselen af met beelden die de humor in een wip in horror doet omslaan. Inventief, met zin voor de overdrijving en gevoel voor dosering tegelijkertijd. Om de vingers bij af te likken. De combinatie van spelplezier en dramaturgisch doorzicht werpt zijn vruchten af. Hoofd zonder wereld is zonder meer een hoogstaand feuilleton met een lach en een traan. Als het doek na ruim tweeënhalfuur valt, blijf je nog even zitten. Alsof je hoopt dat het derde deel van Hoofd zonder wereld al klaar is. Dat is niet zo, maar ik kijk er wel naar uit.

De Standaard, 9 april 2001 - door Roel Verniers