Vrij Nederland, 25 november 2006 - Marijn van der Jagt
De twee sterkste theatercollectieven van het land tonen zich momenteel weer onvergelijkbaar. Dood Paard is met Eco actueler dan ooit: een splinternieuwe tekst van Oscar van Woensel waarin een internationale, vergaderende projectgroep laat zien hoe een ideologisch concept als 'het groene bouwen' wordt vermalen in de machtstrijd van ambtenaren, geldschieters en reclamemakers.
't Barre Land speelt intussen Torquato Tasso, het toneelstuk van Goethe uit het eind van de achtiende eeuw, over een dichter die als vrije denker worstelt met de etiquette van het koningshof waar hij te gast is. Het met modieuze uitdrukkingen doorspekte steenkolen-Engels van Van Woensel staat lijnrecht tegenover de jambische verzen van Goethe die de leden van 't Barre Land uitgebreid debiteren.
Zo dicht als Dood Paard tegen de taal van de massamedia aanleunt -een groot deel van de personages in Eco spreekt louter via videomonitoren- zo tijdloos is het kale toneelspel waar 't Barre Land zich van bedient. En zo luidruchtig en smakelijk als de Dode Paarden de gevarieerd gebrilde mannetjes- en vrouwtjesmakers uit Eco verbeelden, zo ingetogen en onopgesmukt zetten de Barre Landers Goethes koninklijke hofhouding neer.
En toch spreekt er uit deze twee totaal verschillende voorstellingen eenzelfde soort kracht. Dode Paarden richten zich, mede dankzij videocamera's die zij voor hun dubbelrollen gebruiken, even rechtstreeks als de Barre Landers tot het publiek. Ze kijken ons van heel dichtbij in de ogen. Geen ambitieuze regisseur, geen spectaculair decor, geen opgezwollen toneelspel staat tussen ons in. De twee eeuwen die staan tussen Goethes koninklijke hofhouding en onze moderne vergadertijd, verdampen in dat oogcontact.
Let op wat hier gebeurt, zeggen beide voorstellingen met dezelfde urgentie. Zie hoe het vrije denken wordt verstikt door menselijke hokjesgeest. Hoe schoonheid en verbeelding ten onder gaan in ambitie, bezitsdrang en machtspelletjes.
Luister naar de taal waarin dit gebeurt en zoek samen met ons naar de vonkjes van oprechtheid in het vuur van valse woorden. Het maakt niets uit, of het achtiende-eeuwse jambische verzen zijn. Eigenlijk gebeurt er al eeuwen hetzelfde. Maar we hebben nog steeds het (collectieve) theater nodig om het onder onze neuzen te wrijven.